HISTORIEK  HISTORIQUE  HISTORIC

 

De bruggen in Schoten : De Kruiningenbrug


De geschiedenis van de bruggen in Schoten gaat zeer ver terug in de tijd. Vermits de "Schijnbeek".voor een groot gedeelte de grens was in het zuiden van de gemeente, waren hierdoor ook kleine overbruggingen voorzien. Men kon deze beek op drie plaatsen oversteken: op de weg naar 's Gravenwezel , de Hoogmolenbrug op de weg naar Wijnegem en de Kruiningenbrug op de weg naar Deurne. Op een kadasterplan van 1768 staan de laatste twee bruggen getekend. Het waren kleine constructies, juist breed genoeg om met paard en kar aan de overkant te geraken.

          

Deze situatie bleef enkele eeuwen ongewijzigd tot men in 1852 besloot om de "Vaart" te graven tussen Herentals en Antwerpen. Dit bracht een grondige wijziging in het tot dan ongerepte landschap. Vermits de nieuwe waterweg bevaarbaar moest zijn voor schepen, voorzag men een kanaalbreedte van 22 meter. Aangezien de bestaande Schijnbeek, met haar vele kronkelingen, hiervoor niet in aanmerking kwam, werd het kanaal gegraven ten noorden van de bestaande Schijnbeek (Klein Schijn).

Om deze nieuwe waterweg over te steken diende men op de toen bestaande wegen een brug te voorzien. Om de schepen doorgang te verlenen moesten alle bruggen kunnen draaien. Aangezien men vanaf Herentals tot in Antwerpen 42 bruggen nodig had, maakte men voor alle draaibruggen gebruik van een standaardmodel. Op oude prentkaarten van bruggen over "de Vaart" kunnen wij inderdaad vaststellen dat al deze bruggen identiek gebouwd waren. Zij waren van hout en draaiden op één as. Aan de zijkanten waren ijzeren relingen voorzien met een typische ijzeren driehoek in het midden .

Als een schipper op de hoorn blies om door te kunnen varen, sloot de brugwachter de barelen en draaide hij de brug open.

Om de brugwachters te huisvesten bouwde men aan iedere brug een apart huis. Het waren allemaal identieke eenvoudige bakstenen huisjes met een voordeur tussen twee smalle ramen met vensterluiken. Alle huisjes werden in het wit geschilderd zodat men altijd wist waar de brugwachter woonde.

De situatie rond de bruggen over de "Vaart" was overal dezelfde. Het is pas bij de omvorming van de Vaart naar het "Kempisch kanaal" dat er wezenlijke verschillen zullen optreden aan de verschillende bruggen over het ganse traject.


Vanaf 1890

Reeds vanaf de jaren 1890 zag men de noodzaak in om de Vaart te verbeteren. Men wilde de Vaart omvormen naar het "Kempisch kanaal". Zo vinden wij op de kaarten van rond 1900 overal de Franse benaming van "Canal de la Campine". Vermits het aantal schepen toenam kwam ook de noodzaak om te zorgen dat men minder tijd verspeelde op het traject Antwerpen-Herentals. Buiten de 17 sluizen waren er ook 42 bruggen die een hinderpaal vormden voor de doorvaart.

Daarom maakte men in 1905 reeds allerlei voorstelplans om alle bestaande kleine draaibruggen te vervangen door grotere en bredere metalen bruggen. Om de scheepvaart vrije doorgang te verlenen voorzag men enkel nog bruggen in de hoogte op de grote verbindingswegen en niet meer op de kleine, meer landelijk gelegen wegen.

Voor deze realisatie dienden echter vele onteigeningen te gebeuren vermits men overal op- en afritten moest voorzien. De oorlog van 1914-1918 was de oorzaak dat alle voorziene en geplande werken stil kwamen te liggen. De Vaart had toen nog zo geen strategisch belang voor het leger waardoor bijna alle draaibruggen de oorlog overleefden. Vanaf de jaren 20 zullen beide bruggen elk een aparte geschiedenis ondergaan. Daarom zullen wij iedere brug even meer in detail bekijken en bespreken.

 

De Kruiningenbrug
De naam Kruiningen werd gegeven aan de brug die gelegen was over de Kleine Schijnbeek op de grens van Schoten en Deurne. Zij werd zo genoemd omdat ze op de weg lag naar de "Kruyningen Hoef" in Deurne. Later kreeg ook de straat die naar de brug liep de naam Kruiningenstraat.

Het is pas toen men de Vaart had aangelegd en men daar een draaibrug bouwde dat er stilaan ook huizen gezet werden. Toen dan ook de industriè zich begon te vestigen langsheen de Vaart, waaronder de "Suikerfabriek", werd de Kruiningenstraat één van de belangrijkste straten van "den Deuzeld".

Pas na Wereldoorlog I kon men terug beginnen met het plannen en uitvoeren van de omvorming van de Vaart naar het Kempisch kanaal. Het zal nog tot 1930 duren vooraleer men een definitief plan had voor de onteigening en de verbreding van het kanaal. Men had ondertussen echter ook de opdracht gekregen om het voorziene Kempisch kanaal om te vormen naar het Albertkanaal.

Voor het bouwen van de pijlers en de landhoofden deed men beroep op de onderneming Cobetons en de metalen brug werd gemaakt door de Ateliers Métallurgiques uit Nijvel. De staalnijverheid in het Luikse was immers in volle opbloei en profiteerde hier dan ook volop van.

Het voorziene Albertkanaal was voor de bruggentechniek in die tijd van uitzonderlijk belang. Iedere brug had drie overspanningen waarvan de middelste overspanning 58,5 meter bedroeg over het kanaal en de twee jaagpaden. De twee zijoverspanningen van 15 meter waren bedoeld om achteraf een spoorweg en een weg voor gewoon verkeer aan te leggen .

De bruggen hadden een dubbele rijweg van 6 meter breed en 2 voetpaden van 2,50 -m en een ijzeren bovenbouw. Door allerlei nieuwe opkomende lastechnieken ontwierp ingenieur Vierendeel een geheel nieuw brugtype, dat later de benaming "Vierendeelbrug" kreeg toebedeeld.

Het werd een soort éénheidstype van brug welke op een gemakkelijke manier in serie kon gebouwd worden in werkplaatsen, en daarna op de plaats zelf kon gemonteerd worden met klinknagels. De twee bruggen in Schoten, Kruiningenbrug en Hoogmolenbrug, waren beide van dit type.


WO II

Toen kwam echter Wereldoorlog II. Het Albertkanaal was voor het leger van strategisch belang geworden. Om een vlugge doortocht van de Duitsers te vermijden besloot men alle bruggen over het Albertkanaal op te blazen! In 1940 werd de brug ondermijnd door het 24ste bataljon van de genie en op 14 mei 1940 door het 18de bataljon van de genie opgeblazen.

De prachtige Kruiningenbrug heeft slechts een zestal jaren gediend als vaste oeververbinding tussen Schoten en Deurne. Wat nu als men naar voetbal op den Antwerp wilde gaan zien?

Zolang het oorlog bleef was er van een heropbouw geen sprake. Voor de voetgangers en fietsers werd er een oplossing aangeboden door het leggen van een veerpont.

Aan het café werd de oever aangepast en werd er een kabel gespannen tussen beide oevers. De veerman trok dan het veer via deze kabel naar de overkant. Als er schepen moesten passeren dan liet men de kabel zakken tot op de bodem van het kanaal. Deze situatie zou verschillende jaren blijven duren.

Toen men besloot om voorrang te geven aan de heropbouw van de brug van Deurne-Bal (de brug van "den Azijn") en de Hoogmolenbrug werd ook de beslissing genomen om de Kruiningenbrug niet meer herop te bouwen. Enkele jaren later verdween ook de veerpont zodat deze vaste oeververbinding voorgoed verloren was.

 


GUIDO VAN LEEMPUTTEN ILLUSTRATIES: BEELDBANK VZW SCOT ARTIKEL I.S.M. DE VERENIGING VOOR HEEMKUNDE SCHOTEN VZW SCOT.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  LMB-BML 2007 Webmaster & designer: Cmdt. André Jehaes - email andre.jehaes@lmb-bml.be
 Deze site werd geoptimaliseerd voor een resolutie van 1024 x 768 en IE -11-Edge
Ce site a été optimalisé pour une résolution d'écran de 1024 x 768 et IE -11- Edge